Golf Tips

The Game Within The Game

“Good putters believe they are good putters”

Ongeveer 43% van alle slagen op de baan zijn putts maar desondanks wordt dit onderdeel te weinig systematisch putting statistiekengetraind. Hiernaast de statistieken van PGA Tour. U ziet dat een 3 meter putt (10 feet) er niet zo vaak in gaat als u wellicht zou denken op dat niveau. Kijkt u naar de 3-putt kans dan ziet u dat de Tour spelers hun snelheid erg goed controleren!

Technisch gezien is het voor de golfer de kunst om;

  • de putter haaks op de gekozen lijn te hebben op impact,
  • de putter te swingen in de richting van de gekozen lijn,
  • het centrum van de putter te raken,
  • de stroke in een iets omhooggaande beweging maken, en
  • de bal met de juiste snelheid raken.

Goed putten bestaat hoofdzakelijk uit de volgende 3 factoren.

1. Green lezen –  Het inschatten van break (indien aanwezig).

2. Richting –  De lijn bepalen en een stroke produceren die de bal op deze lijn doet starten.

3. Afstand – Het inschatten van de snelheid die nodig is.

Voor het maken van een constante putting stroke zijn de volgende punten van belang:

  • Minimale lichaamsbeweging,
  • Ooglijn boven de bal,
  • Clubface haaks op de baldoellijn op impact,
  • Sweet spot van de putter raken,
  • Maak een pendule achtige beweging,
  • Ontspanning.

De Standaard Putting Grip (rechtshandige golfer)

Kenmerken van een goede grip:

  • Palmen van beide handen tegenover elkaar,
  • Weinig druk, op een schaal 0 tot 10, ongeveer op 4 of 5,
  • Handen werken samen.

Er zijn meerdere grips zoals reverse overlap, claw, overlap, etc, de keuze ligt aan comfort en controle. Feit is dat de gebruikte grip comfortabel moet zijn en het mogelijk maakt een repeterende en ontspannen stroke te maken waarbij het clubface haaks op impact is t.o.v. de baldoellijn (kim op impact).

 

 

 

 

 

 

 

Set-Up voor succes!

Kenmerken van een goede set-up:

  • Ogen boven de bal,
  • Lichte knie-flex,
  • Gewicht 55% links,
  • Shaft loopt door in de onderarm,
  • Borstbeen boven de de voorste rand van de putter.

Oplijnen – Aim

Kenmerken van goed oplijnen:

  • Clubface is haaks op de baldoellijn bij adresseren (foto links),
  • Clubface is haaks op de baldoellijn op impact (foto rechts),
  • Stand voeten, knieën, heupen parallel aan de baldoellijn,
  • Schouderlijn is parallel aan de baldoellijn.

Gebruik voor het controleren van uw set-up een alignment mirror zodat u zelf kunt zien hoe uw schouderlijn en ooglijn zijn.

Goed oplijnen begint achter de bal zodat u mee lijn kunt uitkiezen waarop u de bal moet laten rollen. Naast de bal (waar u voeten staan op adres) kunt u niks zien qua lijn. Goed oplijnen begint dus ALTIJD op dezelfde plek, achter de bal. Een putt van 1 meter is in feite hetzelfde als een drive van 200 meter of verder, beide tellen als 1 slag op uw scorecard. Zorg er dus voor dat uw voorbereiding klopt en wees hier gedisciplineerd in!

 

Naast een goede techniek is van belang:

  • Goed lezen van de green,
  • Mentaal relaxed, geconcentreerd en vertrouwen hebben,
  • Pre-shot routine beheersen en ook altijd toepassen.

Greens lezen

Putts rollen langzamer,

  • op een natte green (regen of dauw),
  • als de greens lang zijn (hoog gras),
  • als men tegen de wind in putt.
  • als de cup hoger ligt dan de bal (uphill).
  • als er tegen de grain* in geput moet worden.

(*groeirichting van het gras, vaak sterker in het buitenland met grastypes als Bentras, Bermudagras, etc)

Het tegenovergestelde geldt uiteraard voor kort gemaaide greens die droog zijn, met de grain mee, met wind mee en down-hill, etc.

Goede voorbereiding is essentieel voor een goed resultaat:

  • Visualiseer hoe de bal gaat rollen
  • Waar is het hoogste en laagste punt?
  • Visualiseer hoe de bal gaat rollen.
  • Benader de gren van verschillende kanten
  • Voel met je voeten (balans) waar het lager en waar het hoger is.
  • Minder snelheid van de bal is meer break van de bal.

 

Pre-Shot Routine

STAP 1 – Lezen van de green (hoeveel break, uphill, downhill, grain, etc.)

STAP 2 – Fysieke en mentale voorbereiding bestaande uit;

  • Mentaal relaxed en comfortabel zijn.
  • Fysiek in comfortabele toestand zijn.
  • Juiste feel krijgen voor de putt.
  • Juiste tempo en ritme aanvoelen.

Voorbeeld van een basis Pre-shot Routine:

  1. Achter de bal staan.
  2. Oefenswing maken en visualiseren hoe de bal geraakt wordt en hoe de bal richting de hole moet rollen.
  3. Nogmaals een oefenswing al kijkend naar de hole.
  4. Club correct achter de bal neerzetten.
  5. Lichaam correct oplijnen en juiste stand innemen.
  6. Kijken naar de hole dan vanaf de bal nog een keer richting de hole.
  7. Maak de stroke!

Drills 4 Skills (oefeningen om uw putting te verbeteren)

1 METER PERSOONLIJK RECORD

  • Zoek een cup met een beetje break eromheen, niet kaarsrecht.
  • Plaats 5 tees in een cirkel om 1M.
  • Hole zoveel mogelijk putts achter elkaar.
  • Herhaal dit 3x en noteer je persoonlijke record.

LADDER DRILL

  • Zoek een cup met genoeg afstand eromheen.
  • Plaats een Tour Stick op exact 1 putter lengte achter de hole.
  • Steek tees in de grond met een interval van telkens 1 meter in een rechte lijn naar achteren.
  • Het doel is om de putt te holen of te laten eindigen achter de hole en voor de tour stick.
  • Hole je de putt of eindigt de putt achter de hole in het vak dan ga je naar Level 2 (2 meter), enzovoort.
  • Raak je de Tour Stick of laat je de putt tekort dan moet je opnieuw starten.
  • Maak je eigen record en hou dit bij.
  • Er is geen limiet in Levels, noteer wat je record is.
  • Doe deze drill minimaal 3 keer.

3-6-9-12 MTR DRILL

  • Belangrijk is dat iedere putt beschouwd wordt als een wedstrijd putt dus denk aan pre-shot routine etc.
  • 3 meter – Winnen door 10 punten te halen vanaf 3 meter in zo min mogelijk aantal pogingen (holes).
  • 6, 9, 12 meter – Winnen doe je door 15 punten te halen vanaf 6, 9 en 12 meter in zo min mogelijk aantal pogingen (holes).
  • Plaats een bal op resp. 3, 6, 9 of 12 meter van de hole afhankelijk van welke test..
  • NOOIT van exact dezelfde plek, NOOIT achterelkaar, wissel met uw partner.
  • Putt totdat de bal in de hole is (resp 1, 2, 3 of 3+ putts).
  • Onthoud hoeveel holes gespeeld zijn.

Eindscore

  • Aantal gespeelde holes om 10 punten te halen op de 3 meter putt.
  • Aantal gespeelde holes om 15 punten te halen op de 6 meter putt.
  • Aantal gespeelde holes om 15 punten te halen op de 9 meter putt.
  • Aantal gespeelde holes om 15 punten te halen op de 12 meter putt.

Werk in groepjes van 2 personen maar zorg ervoor dat iedere putt van een andere plek geslagen wordt en wissel af!

Succes!

Scroll to top